Spiritueel IDAR OBERSTEIN

 

In het groene en heuvelrijke Rijnland tussen Mainz en Trier ligt het stadje Idar Oberstein aan de Duitse Edelsteenroute. Van oudsher worden in de mijnen van de omgeving kristallen en stenen gedolven die tot de mooiste sieraden worden bewerkt. In de omgeving van Idar Oberstein vindt u talrijke kleine en grote edelsmederijen en in de mijnen worden interessante rondleidingen georganiseerd. 

Bovengronds kunt u genieten van het heerlijke landschap. Het Rijnland is bezaaid met kastelen en burchten en is naast de machtige Rijn zelf het stroomgebied van de Nahe die zich vriendelijk tussen de heuvels naar Oberstein slingert. Aan de Rijn kunt u stadjes als Bacharach en Bingen bezoeken, waar u tevens tot rust kunt komen in de beroemde Abdij St.Hildegard von Bingen*. 

Naast edelstenen staat de streek tussen Moezel en Rijn bekend om zijn vele wijngaarden die sprankelende wijnen produceren waar u 's avonds na een dag vol verrassingen van kunt genieten.

Lijkt een korte vakantie van zes dagen in het Rijnland je leuk? Akiram en Jeanette zijn op zoek naar een paar reisgezellen om samen dit schitterende gebied per auto te ontdekken. Bij genoeg aanmeldingen kan er een kleine personenbus worden gehuurd (9-pers). Indien je geïnteresseerd bent in een korte en gezellige vakantie in juni, kun je Akiram via deze link per e-mail benaderen voor nadere reisgegevens. Je bent van harte welkom om deel te nemen aan deze korte reis.

NB: op deze reis berust geen winstoogmerk.

*Hildegard von Bingen
De heilige Hildegard van Bingen (16 september 1098 - 17 september 1179) was een Duits theologe, mystica, componiste en heelster. 
Zij was de eerste componiste uit de geschiedenis van de klassieke muziek die bij naam bekend is.

Zij werd geboren in een adellijk gezin dat woonde op het slot van Bermersheim, niet ver van Mainz. Voor haar opvoeding werd ze aan de recluse Jutta van Spanheim toevertrouwd, die in een cella woonde die tegen de kerk van het klooster Disibodenberg was gebouwd. Ze leerde van haar in de eerste plaats Latijn, maar ook het zingen van het officie en de geneeskunst van die tijd. Toen Jutta in het jaar 1136 stierf werd Hildegard gekozen tot Abdis van het nonnenkloostertje dat was ontstaan. Het was in deze tijd dat Hildegard, met behulp van haar secretaris Volmar, de visioenen die zij kreeg vanaf dat zij 42 jaar was, begon op te tekenen. Dit werk werd door de officiële kerkelijke autoriteiten in eerste instantie met argwaan gevolgd. Dit veranderde toen zij tijdens de synode van Trier door de heilige Bernardus van Clairvaux en de aartsbisschop van Mainz onder de aandacht van de paus werd gebracht, die haar aanspoorde en bemoedigde om haar werk voort te zetten. Zo kon zij met de zegen van de Kerk haar eerste grote werk, Scivias voltooien: Ken de wegen van de Heer.

In 1147 wilde Hildegard, met nieuw zelfvertrouwen, haar vrouwenklooster onafhankelijk van Disibodenberg maken. Deze (voor die tijd eigenwijze) wens wekte de woede van abt Kuno van Disibodenberg, die de beroemde zuster voor zijn klooster wilde behouden. Na een beroep op de bisschop dat met het nodige drama gebracht werd ging de stichting toch door, en nog in datzelfde jaar vertrok Hildegard met haar zusters naar de Rupertsberg bij Bingen. Het was in het nieuwe klooster dat Hildegards meest productieve jaren vielen. Daar componeerde ze bijvoorbeeld ook de muziek die haar tegenwoordig opnieuw beroemd maakt. Deze muziek is net zo afwijkend van het gebruikelijke als haar andere werken, en vormt in feite een geheel eigen tak aan de boom van het Gregoriaans (als het daar al onder te schuiven valt.) Naast de muziek schreef ze nog twee grote visioenenboeken: Liber vitae meritorum oftewel Boek van de verdiensten van het leven (1150-1163) en Liber divinorum operum oftewel Boek van Goddelijke werken (1163.) Ook van haar hand zijn de Physica en Causae et Curae (1150), twee werken die samen beter bekend staan als Liber Subtilatum (Het boek van subtiliteiten). Deze handelen niet over theologie, maar over de natuur en de geneeskunst.

De invloed van Hildegard nam ondertussen een hoge vlucht, doordat allerlei hooggeplaatsten aan haar raad kwamen vragen. Ook met verschillende andere heiligen was zij bevriend, zoals met de heilige Gerlach van Houthem, die ze het kransje van haar professie stuurde. Aan het einde van haar leven kwam ze nog in ernstige moeilijkheden doordat ze een geëxcommuniceerde in gewijde grond had laten begraven. Daardoor liep ze met haar hele gemeenschap dezelfde straf op. Haar gemeenschap mocht zich geen klooster meer noemen, de zusters mochten geen Sacramenten meer ontvangen en er mocht zelfs niet meer gezongen worden bij de getijden! Uiteindlijk kreeg ze, hoewel ze geen duimbreed wilde toegeven, toch gelijk, wat haar tekent. Het schrijn met de relieken van de heilige Hildegard van Bingen in de parochiekerk van EibingenOp 17 september van het jaar 1179 stierf Hildegard van Bingen op de leeftijd van 81 jaar. De aanwezigen zagen op dat moment hoe vanuit de hemel een helder licht op haar sponde viel. Haar relieken werden in 1642 overgebracht naar de parochiekerk in Eibingen. Ze is nimmer heiligverklaard, maar staat toch gewoon op de kalender. (www.wikipedia.org)

De abdij in Bingen ligt op een aantal leylijnen (http://www.leylijnen.nl/)